Roosterse Badmintonclub

Roosterse Badmintonclub

veld.jpg

Wat te doen als je op de tribuun zit en ziet dat je spelende teamgenoten de klus makkelijk klaren. Zelfs onze supporters (twee in getal) vonden het niet nodig om constant de wave te doen en waren naar de kantien verkast. Dus geen wanhopige blikken vanaf de baan die vragen om coaching, laat staan om morele steun. In dat geval sla je als team aan het filosoferen en worden de meest diepzinnige beschouwingen gebezigd. Dan is het ook niet verwonderlijk dat het gesprek al gauw gaat over, hoe zullen we het noemen, de achterste levensbehoefte. Temeer omdat Luc net het kleinste kamertje had bezocht en in staat van verwarring verkeerde. Hij had zich hooglijk verbaasd over de positie van de pleerolhouder. En dan hebben we het niet over zo’n klein grauw kringloopgeval maar eentje met een maagdelijk witte megarol, groot genoeg voor een heel weeshuis. Papier zat dus, maar schier onbereikbaar. Dat ding hing, als een verdwaald buitenaards object dat op een willekeurige plek geland was, een beetje onbeholpen linksachter tegen de muur, op schouderhoogte van een denkbeeldige potzitter van gemiddelde lengte. De vraag rees hoe je daar, na een grote boodschap, op een elegante wijze een stukje papier van zou kunnen bietsen. Een halve rotatie linksom om de lengteas, gezeten in dumphouding, leek ons, ondanks onze soepele badmintonlijven, geen aanlokkelijke optie. Een te groot blessurerisico en bovendien lopen je knieën onherroepelijk vast tegen de zijmuur. Hoe dan wel?

Talloze wijze bespiegelingen vlogen over de tribuun. Hoewel deze niet allemaal even realistisch waren (en smakelijk evenmin) kun je concluderen dat het met de creativiteit wel goed zit in het team. We gaan hier uit zedelijke overwegingen niet alle overdenkingen noemen en beperken ons tot de belangrijkste bevindingen. De suggestie dat de inrichting ter plaatse bedoeld was om, jezelf Tarzan wanend, aan een lint van pleepapier boven de pot te kunnen slingeren, werd van de hand gewezen. De precisiebombardementen van Tarzan zouden vaker op de vloer dan in het riool belanden, wat uit hygiënisch oogpunt niet wenselijk is. 

Na ampel beraad waren we het er over eens dat er sprake was van een ander, ons tot dusver onbekend, lokaal fenomeen. De uitleg van de werking vergt enige verbeeldingskracht. Stel je eens voor: een stukje onvervalst sporthalsanitair met daarop een persoon in de houding ‘denker van Rodin’ die zojuist het laatste afgeknepen stukje chocomousse met een plons heeft horen vallen. Deze denker is dus toe aan de volgende uitdaging: het kuisen van het afvoeruiteinde. Daartoe moet potzitter met beide voeten, een voor een, boven op het porseleinen ovaal stappen. We moeten toegeven dat dit niet makkelijk is met de broek op de enkels, maar er is nog altijd een deurklink waarop geleund mag worden. Probeer het even te visualiseren, anders snap je er geen barst van. In half gehurkte houding, staand op het keramieken randje kan dan, met één arm tussen de benen door, het uiteinde van het papier vastgepakt worden.  Het kuisen begint dan door een lang lint van het fluweelzachte papier, vanuit het bouwvakkersdecolleté en met de bilspleet als geleider, naar voren te trekken. We hebben het niet gecontroleerd maar we zijn ervan overtuigd dat met behulp van een veermechaniek in de rolhouder het papier verschillende keren soepeltjes heen en weer bewogen kan worden. Alle kiloknallerresten verdwijnen zo als sneeuw voor de zon. Ze noemen het: de Weerter floss. 

Zo zie je maar weer dat dingen op het eerste gezicht onlogisch lijken, achteraf toch heel zinvol kunnen blijken te zijn.

Over de wedstrijd kunnen we kort zijn:
De dubbels: BA en Vief wonnen héél rap en Luc en Twan bijna net zo rap. 

De singles: Desiré, Robert en Twan wonnen easy-peasy. Dees moest tussendoor wel af en toe wakker gemaakt worden. Geen winst voor Eef. Ze was de betere speelster maar kreeg de onwillige shuttle net niet goed genoeg onder controle. We hebben veel vertrouwen in een revanche in Roosteren, met eigen materiaal. Conclusie: nylon is iets voor bankrovers (kous over de kop en ‘je geld of je leven’ roepen) en is niets voor goeie badmintonners. 

De mixen: Eef en Robert, wonnen degelijk en afgetekend in twee sets. Vief en Luc verslikten zich in de eerste set. Op verzoek van de ploeggenoten gingen ze beter bewegen en anticiperen, waarmee het vuiltje werd weggepoetst in de tweede en derde set.

Met de 1-7 overwinning hebben we de koppositie nog altijd in zicht. Volgende week, op de elfde van de elfde, een wedstrijd op hoogte in het heuvelland. Weer zijn zeer benieuwd naar de lokale gebruiken aldaar. Indien nodig zullen we daar in geuren en kleuren over berichten.